Op 14 maart 1921 vermoorde een vierentwintig jaar oude Armeense jongen, Soghomon Tehlirian, in Berlijn Mehmed Talaat. Talaat was als minister van Binnenlandse Zaken in Turkije was verantwoordelijk voor de deportaties van honderdduizenden Armenen in het Ottomaanse Rijk. Eerder al werd hij door een tribunaal in Turkije bij verstek ter dood veroordeeld voor zijn commandoverantwoordelijkheid voor deportaties en moorden op de Armeense bevolking, maar in Berlijn kon hij een rustig leventje leiden.
Toen Raphael Lemkin, een eenentwintig jaar oude Pools-joodse taalkundestudent, een bericht las over de moord van Tehlirian, raakte hij gefascineerd. “Het is een misdaad voor Tehlirian om een man te vermoorden, maar het is geen misdaad om meer dan een miljoen mensen te vermoorden?” vroeg Lemkin aan een van zijn professoren. Vrijwel direct besloot Lemkin rechten te gaan studeren. Hij ging zich bezighouden met geweld op culturele, etnische en religieuze groepen. Hij was bang voor nieuw grootschalig bloedvergieten op een etnische groep: de joden. Na de inval van de Duitsers in Polen, sloeg hij op de vlucht en kwam uiteindelijk in 1941 in de Verenigde Staten terecht. Hier ging hij verder met zijn levensdoel het strafbaar stellen van de ‘misdaad zonder naam’ en bedacht de term genocide. Hij zou de rest van zijn leven hiervoor blijven lobbyen.
(Bron: Samantha Power, A Problem from Hell, p 1-60.)
De geschiedenis van het woord genocide is dus nauw verbonden met de deportaties en slachtpartijen in Turkije. Dat was genocide daar kan eigenlijk geen serieus historicus aan twijfelen. Maar mag daar ook niet aan getwijfeld worden? Natuurlijk wel, je moet de twijfelaars met woorden overtuigd worden. We moeten ze niet in de bak gooien of boetes opleggen omdat zij iets niet geloven. De gisteren door het Franse parlement aangenomen wet, waarin het ontkennen van de Armeense genocide strafbaar wordt gesteld, is dan ook niet bevorderlijk voor het debat. Dat je het als politieke partij (zoals CDA en PvdA) niet accepteren dat er negationisten op je lijst staan, is begrijpelijk en terecht. Immers dit zijn op ideologie geselecteerde potentiële volksvertegenwoordigers. In het algemeen horen gedachten vrij te zijn en abjecte opvattingen met woord bestreden te worden. Vrijheid van meningsuiting vereist ook vrijheid van meningsvorming.
Dat heel veel Turkse jongeren in het westen nu al een knieval maken door te vragen om een internationaal onderzoek moet toegejuicht worden. Al moeten we mensen als Erdinç Saçan niet gelijk op hun woord geloven, zoals ik eerder schreef was hij tot voorkort een heel ander standpunt toegedaan, niet historisch onderzoek afwachten maar gewoon keihard ontkennen. Maar laten we de meeste van deze jongeren het voordeel van de twijfel geven.
Het eerste dat moet gebeuren is volgens mij de Turken en ook de Turkse immigranten ervan te overtuigen dat het geen schande voor het huidige Turkse volk is dat er negentig jaar geleden in Turkije verschrikkelijke zijn gebeurd. Ze waren er niet bij en hebben er geen verantwoordelijkheid voor. Het erkennen van de genocide is geen belediging van de Turkse identiteit, het is slechts een historische realiteit, die niet verzwegen moet worden.
De timing van de Franse wet is ook beroerd te noemen. Zonder die wet zouden de Turken nu trots kunnen zijn op Pamuk. Nu zijn ze boos op de Fransen en wordt de Nobelprijs voor Pamuk overschaduwd en staat de wet discussie, over de genocide en het werk van Pamuk, in de weg. Een gemiste kans.
Foto’s: Raphael Lemkin, bedenker van de term genocide (boven - bron:wikipedia) en Orphan Pamuk, winnaar nobelprijs 2006 (onder - bron: wikipedia).
Eerder over de Armeense Genocide:
‘PvdA-statenlid ontkent genocide op internet‘, 25 september 2006
‘Ton Zwaan bedreigd door Turks Nationalisten‘, 24 maart 2006.
‘Drie stappen in het vervolgingsproces: Ton Zwaan over de Armeense Genocide‘ en ‘Waar het mij vooral omgaat‘, 15 februari 2006.
‘Rechtzaak Pamuk verdaagd‘, 16 december 2005.


2 Comments
Niet alleen dit is een mooie grondige analyse. Maar ook die van Ton de Zwaan vanavond in het 8uur journaal;
“het roepen om nieuw onderzoek is een laatste verdedigingslinie van de ontkenners; zei willen zich beroepen op ‘we wisten het niet’. Doch als je het geheel aan geschiedschrijving en onderzoek dat al gedaan is in ogenschouw neemt, dan is een extra onderzoek alleen interessant voor geschiedschrijvers die altijd meer details willen weten. Dat er Genocide heeft plaatsgevonden is afdoende onderzocht en bewezen.”
Sluit ik mij helemaal bij aan