Laatste berichten
Archief
| S | M | T | W | T | F | S |
|---|---|---|---|---|---|---|
| « Apr | ||||||
| 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | ||
| 6 | 7 | 8 | 9 | 10 | 11 | 12 |
| 13 | 14 | 15 | 16 | 17 | 18 | 19 |
| 20 | 21 | 22 | 23 | 24 | 25 | 26 |
| 27 | 28 | 29 | 30 | 31 | ||
Flickr
Tags
De werkwijze van een reljournalist
Stel je wilt een stevig artikel schrijven over Marokkaanse jongeren, iets met een kop als ‘Marokkanen te soft aangepakt‘. Je zou dan natuurlijk een paar lokale politici kunnen bellen en vragen wat zij ervan vinden dat jongens die de politie bekogelen niet worden aangehouden. Je kan ook de man op straat vragen wat hij ervan vindt en je hebt zeker een stevige uitspraak. Je kan natuurlijk ook gewoon een aantal zeer suggestieve vragen mailen:
1 – Eerst valt stenengooien onder baldadigheid en vervolgens, na commentaar vanuit de politiek, worden de stenengooiers ineens ‘hard aangepakt.’ Wat vindt uw partij van deze softe en afwachtende houding van de politie.
2 – Vindt u ook, net als minister Ter Horst, dat de politie altijd de baas op straat moet zijn en dat zij niet moet weglopen voor deze Marokkaanse relschoppers.
3 – Vindt u ook dat partijen tijdens de eerst volgende raadsvergadering eens met de vuisten op tafel moeten slaan voor een hardere aanpak.
4 – Zo ja, hoe moet deze aanpak er volgens u uitzien.
Het voordeel van deze methode is, is dat je altijd een stevig artikel kunt schrijven. Reageren mensen niet (of te laat) op je mailtje, dan kun je schrijven dat de ‘beleidsmakers zwijgen over agressie‘. Is er ook maar iemand die instemmend reageert op de vragen, dan kun je vrijelijk schrijven over die zelf geopperde ‘Marokkaanse relschoppers’. Iets wat verslaggever Jenny van der Zijden van De Telegraaf (bekend van onder meer de babyfabriek in Kameroen) in haar artikel dan ook zonder enige terughoudendheid doet. Niet minder dan drie keer heeft Van der Zijden het over die ‘Marokkaanse relschoppers’, bovendien heeft zij het zonder ook maar iemand letterlijk te citeren over ‘aanhoudende rellen door Marokkaanse jongeren’ en ‘ het straatgeweld door Marokkaanse jongeren’.
En dat allemaal zonder achter het beeldscherm vandaan te hoeven komen.
