Een Griekse zeeman en een Marokkaanse diplomaat

Voor Ons Amsterdam schrijf ik een serie artikelen op basis van Alle Amsterdamse Akten. Naar aanleiding van het thema ‘buitenlanders in de stad’ van de Open Monumentendag(en) 2018, schreef ik over een Griekse zeeman en een Marokkaanse diplomaat in de achttiende eeuw.

Wereldgeschiedenis van Nederland

31 augustus werd in De Balie Wereldgeschiedenis van Nederland gepresenteerd. Een nieuw ‘prikkelend’ boek, waarin ruim honderd historici een hoofdstuk hebben geschreven over de Nederlandse geschiedenis in internationaal perspectief. Een initiatief van Huijgens ING, met mooie bijdragen van enkele van mijn favoriete Nederlandse historici zoals Suze Zijlstra en Jelle van Lottum. Zelf schreef ik een een hoofdstuk over Rembrandt en de Afrikaanse gemeenschap in zijn omgeving.

Eerder dit jaar schreef Huijgens ING over het initiatief:

Wij zijn van mening dat de geschiedwetenschap een verantwoorde, goed leesbare injectie in het debat zou moeten leveren. Dat wordt de Wereldgeschiedenis van Nederland. Dit werk zal voor tal van ontwikkelingen en gebeurtenissen laten zien hoe vertakt de Nederlandse geschiedenis is met de wereld. Maar ook hoe goed Nederland vergeleken kan worden met andere landen. De Wereldgeschiedenis van Nederland geeft een verrassend internationale kijk op de geschiedenis van Nederland.

 

De ‘swarten’ van de 17de eeuw

Onlangs werd ik door Patrick Meershoek van Het Parool geïnterviewd over mijn onderzoek naar Afro-Amsterdammers in de zeventiende eeuw. Het artikel “De ‘swarten’ van de 17de eeuw’ verscheen op 12 mei in Het Parool en is online voor een paar dubbeltjes te lezen via Blendle.

Afro-Amsterdammers in de Jodenbreestraat

Op dinsdag 17 april mocht in het onvolprezen low-budget AT5-programma De straten van Amsterdam op lacatie uitgebreid vertellen over mijn onderzoek naar Afro-Amsterdammers in zeventiende eeuw. We begonnen in de grote schilderkamer van Rembrandt in het Rembrandthuis en vandaar wandelde we door de Jodenbreestraat, langs de Mozes en Aäronkerk, naar de Academie van Bouwkunst. Allemaal plekken die een belangrijke rol speelde in deze geschiedenis. Eveneens te gast was Ashaki Leito van Black Heritage Tours.

Bekijk de uitzending

Een Afro-Amsterdamse gemeenschap in de zeventiende eeuw

Mark Ponte

Vanaf het moment dat de Hollanders en Zeeuwen aan het eind van de zestiende eeuw actief werden in het Atlantisch gebied kwamen er mensen van Afrikaanse afkomst al dan niet vrijwillig in Amsterdam. Dat blijkt uit de doop- en trouwregisters en uit zeventiende-eeuwse notariële akten.

Het vroegste huwelijk van een Afrikaan in Amsterdam dat ik tot nu toe ben tegengekomen was nog in de zestiende eeuw. Op 2 januari 1593 ging de 29-jarige verversgezel Bastiaan Pietersz van ‘Maniconge in Afryken’ in ondertrouw met de Amsterdamse weduwe Trijntje Pieters. Zestien maanden later werd hun dochtertje Madelen gedoopt in de Nieuwe Kerk. In 1604 kocht Abdon de Kuiper van het Afrikaanse eiland São Tomè poorterrechten. Het jaar daarna trouwde hij met met Aeltje Gerrits van Wezel.

Ondertrouwakte Bastiaan Pieters van Maniconge in Afryken

In de loop van de zeventiende eeuw nam het aantal Amsterdammers van Afrikaanse afkomst gestaag toe en vanaf de jaren 1630 kunnen we spreken van kleine Afrikaanse gemeenschap van enkele tientallen mannen en vrouwen geboren in Afrika, maar ook in Brazilië en het Caribisch gebied. In deze periode werd er voornamelijk onderling getrouwd, en ook als er getuigen nodig waren bij een doop, huwelijk of notariële akte dan zocht men die in de eigen kleine kring. Aan de hand van dit soort heb ik een netwerk van mensen in kaart gebracht die elkaar goed moeten hebben gekend. De resultaten van dit onderzoek worden hopelijk later dit jaar gepubliceerd.

Zwarte zeemannen en soldaten

Tussen 1630 en 1670 waren de meeste Afrikaanse mannen die in Amsterdam trouwden zeeman of soldaat in dienst van de WIC en ook VOC. Zij trouwden met zwarte vrouwen, die waarschijnlijk meestal als bediende in de stad terecht waren gekomen. Soms trouwde men na afloop een maritieme carrière. Zoals Pieter Claesz Bruin van Brazil, die vanaf 1640 in notariële akten te vinden is als zeeman voor de WIC. In 1649 trouwde de inmiddels 44-jarige Pieter Claesz in Amsterdam met Lijsbeth Jans van Angola.

Anderen trouwden voordat ze weer naar zee vertrokken, zoals de Anthonio Manuel van het Kaapverdische Sint-Jago eiland die in de Turfstraat woonde. In 1632 trouwde hij met de eveneens Kaapverdische Hester Jans en vertrok vervolgens met een WIC-schip naar Brazilië. Twee jaar later was hij opnieuw in Amsterdam, vroeg een scheiding aan wegens overspel, en trouwde vervolgens met Magdalena Jans van Angola.

Waar woonden ze?

Deze meeste zwarte Amsterdammers in de zeventiende eeuw woonden in wat we nu de oude Jodenbuurt noemen, het gebied rond de Jodenbreestraat, het eiland Vlooyenburg (waar nu de Stopera staat), bij de voormalige St. Antonispoort en Leprozenhuis (Meester Visserplein). Net zoals veel andere arme immigranten woonden ze vaak met meerdere gezinnen in kleine kelderwoninkjes in stegen en gangen.  Zoals in de nu nog bestaande turfsteeg waar Anthony Manuel met zijn gezin woonde en de verdwenen Pauwengang bij de Joden Houttuinen. Maar niet iedereen woonde in een achteraf steegje. Vaandrig Francisco d’Angola woonde in 1659 op de hoek van de Jodenbreestraat en de Markensteeg. Francisco had in Nederlands-Brazilië de leiding had gegeven aan een Compagnie van zwarte soldaten in dienst van de West-Indische Compagnie (WIC).

Uiteraard was dit ook de buurt waar Rembrandt zijn atelier had. In zijn periode in de Jodenbreestraat tekende en schilderde Rembrandt diverse Afrikaanse mannen en vrouwen, zoals het schilderij bovenaan deze blog, zeer waarschijnlijk zijn eigen buurtgenoten.

Kaart met een aantal adressen van Afro-Amsterdammers (1616-1660)

Links:

De laatste tijd krijg ik regelmatig vragen over mijn onderzoek naar Afrikanen in zeventiende-eeuws Amsterdam. Ik hoop in de loop van 2018 een aantal artikelen hierover te publiceren. In afwachting daarvan schrijf ik hier alvast wat korte blogs met onderzoeksresultaten. Voor meer informatie kun je altijd contact opnemen, bijvoorbeeld via twitter @voetnoot.

Onbekende slavernijverhalen bij bekende Rembrandts

We kennen Rembrandt vooral van werken als de Nachtwacht en de Joodse bruid, maar hij schilderde en tekende in de loop van zijn carrière ook diverse zwarte vrouwen en mannen. Dat kon hij op zijn meesterlijke wijze doen omdat hij in een multiculturele zeventiende-eeuwse stadswijk woonde: de wijk rondom de huidige Jodenbreestraat waar ook tientallen mensen van Afrikaanse afkomst woonden. Mensen die hij op straat tegenkwam en kon uitnodigen in zijn atelier.

Twee Moren’, Rembrandt van Rijn, 1661, Collectie Mauritshuis

Het hoogtepunt van Rembrandts ‘zwarte’ oeuvre vormt natuurlijk het schilderij dat nu – toepasselijk genoeg – in het Mauritshuis in Den Haag hangt. Toepasselijk omdat net als Maurits de meeste Afrikanen die in Rembrandts omgeving woonden een geschiedenis hadden in Nederlands-Brazilië, zij het op heel andere trede van de maatschappelijke ladder. Niet alleen namen allerlei teruggekeerde kolonisten tot slaaf gemaakte mannen en vrouwen als bedienden mee naar Amsterdam, ook vestigden zich hier een groep zwarte zeemannen en soldaten. Mannen die veelal in dienst waren geweest van de West-Indische Compagnie. Sommige van deze zeelui kenden de hele Atlantische Wereld, van Angola, Brazilië, het Caribisch gebied tot Nieuw-Amsterdam, het huidige New York.

Lees meer op overdemuur.org

Mensen kopen in Amsterdam

Vanaf het eind van de zestiende eeuw tot 1863 was Nederland betrokken bij slavernij en slavenhandel. Honderden Amsterdamse en Zeeuwse schepen werden in deze periode uitgerust om in Afrika mensen te kopen. Deze mensen werden vervolgens als slaven verkocht aan West-Indische plantages. Maar je hoefde niet naar Suriname of Berbice af te reizen om slaveneigenaar te worden.

Lees meer op www.alleamsterdamseakten.nl

Den swaren Orancan op Sint Christoffel

Op 27 oktober 1639 verklaarde schipper Michiel Sijmonsz van Uitgeest bij de notaris over een tropische cycloon die een jaar eerder over het eiland Sint Christoffel raasde, waarbij verschillende schepen verloren gingen en gouverneur Pieter Minuit van Nieuw-Zweden om het leven kwam.

Lees meer op Alle Amsterdamse Akten

Van vrijheid in Amsterdam tot onderdrukking op de plantages

Surinaamse geschiedenis door de ogen van de voorouders van Jörgen Raymann

Verborgen Verleden laat zien dat je aan de hand van persoonlijke verhalen zoals die van David Nassy ingewikkelde geschiedenis op een aangrijpende en begrijpelijke manier toegankelijk kan maken.

In het televisieprogramma Verborgen Verleden gaan bekende Nederlanders op zoek naar de geschiedenis van hun voorouders. Dit levert vaak mooie en ontroerende verhalen op over gewone mensen tegen de achtergrond van grote gebeurtenissen in het verleden, zoals een soldaat in het leger van Napoleon of Ieren op de vlucht voor de hongersnood van 1845. Zo’n confrontatie met het vaak zware leven van voorouders kan een heftige ervaring zijn. Dat gold in het bijzonder voor de aflevering van Jörgen Raymann waaraan ik een bijdrage mocht leveren.

Lees verder op Over de muur

Veel meer dat 1% van de Nederlanders kwam in aanraking met slavernij

In reactie op het opiniestuk van Martin Sommer toont Mark Ponte dat het idee dat slechts 1% van de Nederlanders te maken kreeg met slavernij een grove onderschatting is van de historische werkelijkheid.

“Hooguit 1 procent van de Nederlanders heeft ooit te maken gehad met de slavernij”, schreef columnist Martin Sommer op basis van een telefoongesprek met emeritus hoogleraar Piet Emmer in De Volkskrant (Opinie, 26 augustus). Terecht stelde Jörgen Tjon A Fong in zijn reactie dat de gevolgen van slavernij in de maatschappelijke ongelijkheid en niet in de cijfers zitten (Opinie, 29 augustus), maar ook op het percentage van 1% valt heel wat af te dingen.

Lees meer op Over de Muur