Clara van Bengalen (ca. 1759-1771)

Onlangs werd dit prachtige portret van Joanna de Silva uit Bengalen aangekocht door het Metropolitan Museum. Joanna de Silva, zo blijkt uit een opschrift op het schilderij, verzorgde de kinderen van de Britse Luitenant Kolonel Charles Deare. Niet vaak kom je zo’n mooi portret van een (waarschijnlijk slaafgemaakte) bediende tegen. Het portret werd in 1792 geschilderd door William Wood (1769-1810).

De afgelopen jaren kwam ik in de Amsterdamse archieven meer dan twintig mannen, vrouwen en kinderen uit ‘Bengalen’ tegen, die voor korte of langere tijd in de stad verbleven in de zeventiende en achttiende eeuw. Vooral zeemannen en (slaafgemaakte) bedienden. Eén van hen was Clara, een jong meisje dat in 1771 werd begraven op het Leidse Kerkhof. Clara woonde in het Aalmoezeniersweeshuis, het armenweeshuis van Amsterdam. Waar het leven zeer hard was.

Image

Het slaafgemaakte meisje Bietja, 1784. Jan Brandes (Rijksmuseum)

Midden in de winter van 1768 zwierf het kleine meisje moederziel alleen over straat in Amsterdam, totdat iemand haar tussen kerst en nieuwjaar naar het weeshuis bracht. Waar ze een klein deel van haar verhaal vertelde. Dit werd als volgt opgetekend in het ‘innameboek’ van het weeshuis:


Clara van Bengalen, oud 8 1/2 jaar

Sijnde als een Slaafvinne met Capt Johannes Sigismundis Hoeve omtrent een en half jaar geleden van Bengale alhier mede gebragt en is nu wederom met zijn vrouw met het schip De Vrouw Cornelia Hillegonda na Indien vertrokken en dit slavinnetje alhier gelaaten. t welk loopt swerven en niemand is die het zelve kint wil na sig neemen.”

Image
Inschrijving Clara van Bengalen, 8 1/2 jaar oud in het Aalmoezeniersweeshuis.
Image
Aalmoezeniersweeshuis, Stadsarchief Amsterdam

Clara zou de rest van haar korte leven in in het weeshuis wonen. Twee jaar en drie maanden later, op 18 april 1771, werd zij begraven op het Leidse Kerkhof, nog geen 11 jaar oud.


Tekening Leidse Kerkhof door Gerrit Lamberts, 1815 (Collectie Stadsarchief Amsterdam)

In de zomer van 1767was Clara, als 7-jarig meisje in slavernij, meegenomen naar Amsterdam door VOC-kapitein Johannes Sigismundis Hoeve. Toen Hoeve na een halfjaar weer naar Azië vertrok, liet hij Clara aan haar lot over in de stad.

Clara was niet het enige slaafgemaakte Aziatische kind dat in een stedelijke armeninstelling terecht kwam. In de tentoonstelling ‘Amsterdammers en slavernij’ in het Stadsarchief was afgelopen zomer het verhaal te zien van een baby die naar het weeshuis werd gebracht: Hanibal van Moston, kind van twee Aziatische ouders, die door een dominee naar de Republiek werden meegenomen.

Lea van Bali (ca. 1668-1738)

A life in documents

Lea was born or sold in slavery in Asia, but lived almost 50 years in Amsterdam. She arrived with Jan Parvé and Ida Castelijn from Batavia (Jakarta) in Amsterdam. Most probably in 1690 when Parvé was admiral of the VOC return fleet. In 1691 Lea lived with Ida Castelijn at the Keizersgracht, probably as a servant.

On 21 december 1691 ‘Lea van Balij gewesene slavinne’ (‘former slave’) is baptized in the Westerkerk.

Image
Doopinschrijving Lea van Balij
Image
Image
Nieuwe Kerk Amsterdam

It is not clear how long Lea stayed in the house of the Parvé/Castelijn family, but 17 year later she was living in the Leidse Dwarsstraat. In 1708 she marries Nicolaas Baltus from Ambon (Maluku Islands). Lea is then about 40 years old. A month before their daughter Hester is baptized in the the ‘Nieuwe Kerk’ at Damsquare. Interesting enough the witness Esther Jans van Bantam is also from Indonesia.

Image
31 July 1708, baptism of Esther

On 17 august 1712 daughter Elisabeth is baptized in the same church, again witnessed by (H)Ester Jans.

Nicolaas Baltus died a little more then six years later, in 1719. On the 12th of January Nicolaas was buried at the Karthuizer cemetery. According to the registry the family was living in the Goudsbloemdwarstraat in the Jordaan at that moment.

Image
Image
Karthuizer cemetery, 1728

Almost a year after the dead of her first husband Lea van Bali marries Jan Davidse van den Heuvel from Amsterdam.

Image
Lea’s second marriage
Image

1728 is a sad year for Lea. In February, her second husband Jan dies and in July her daughter Hester. The family then lives in Goudsbloemstraat, between Brouwersgracht and the Eerste Bloemdwarsstraat. Jan leaves three children, probably from his first marriage.

Image

Brouwersgracht and the Eerste Bloemdwarsstraat

Ten years later, 21 march 1738, almost 50 year after her forced migration to Amsterdam, Lea passes away. She is buried at the Noorderkerkhof.

Image
Registration of the burial of Lea van Balij, 31 march 1738.
Image
Noorderkerk and cemetery

This post was first published as thread on Twitter (ook in het Nederlands)

Vijfjarig meisje uit Batavia zonder moeder in Amsterdam

Willemina Markus was pas vijf toen zij werd meegenomen naar Amsterdam, haar moeder bleef in slavernij achter in Batavia. De laatste jaren is er meer aandacht voor het Nederlandse slavernijverleden in Azië. Gedurende de zeventiende en achttiende eeuwen leefden er vele tienduizenden mensen in gebieden onder het beheer van de Verenigde Oost-Indische Compagnie in slavernij. Sommige van hen kwamen uiteindelijk in de Republiek terecht, als knecht, dienstmeid en soms zelfs een kind, zoals Willemina.

Lees meer op alleamsterdamseakten.nl